Nieuw / gewijzigd Woningen Bedrijfspanden
Gebruikersnaam:
Wachtwoord:
Login
Met deze functie kunt u zoeken binnen deze website. Schrijf u nu geheel vrijblijvend en kosteloos in als woningzoekende, klik hier.
Nieuws
Deze website is het laatst bijgewerkt op woensdag 16 mei 2012, 13.41
Herbert Smedema

Herbert Smedema

Herbert Smedema is één van de beëdigde NVM-makelaars en beëdigde taxateurs die ons kantoor telt. Herbert schrijft geregeld een column in de Maas- en Niersbode onder het kopje: Zakelijk actueel. Tevens volgt hij de ontwikkelingen op vastgoedgebied en bericht hierover op deze website.

Print dit artikel Print

Bestemmingsplannen

Categorie: Algemeen
Gepubliceerd: 1-09-2008

Bestemmingsplannen Artikel 10 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) bepaalt dat de gemeenteraad ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening een bestemmingsplan vaststelt. Het bestemmingsplan heeft als doel om ontwikkelingen binnen een plangebied te plannen. Het bestemmingsplan dient daarnaast als toetsingskader voor bouwplannen. Een bestemmingsplan bestaat uit: - één of meer kaarten waarop de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden worden aangewezen (plankaarten);- voorschriften waarin de bestemmingen omschreven worden, waarbij per bestemming het doel of de doeleinden worden genoemd (doeleindenomschrijving);- gebruiksbepalingen;- algemene voorschriften en voorschriften omtrent een eventuele uitwerkingsplicht, wijzigingsbevoegdheid, vrijstellingsbevoegdheid en de bevoegdheid om nadere eisen te stellen;- overgangsrechtelijke bepalingen. Daarnaast dient een bestemmingsplan vergezeld te zijn van een toelichting waarin de aan het bestemmingsplan ten grondslag liggende gedachten en uitkomsten zijn vastgelegd. De toelichting bij een bestemmingsplan bevat waardevolle informatie over ontwikkelingen in het plangebied en over de ratio achter bepaalde bestemmingen. De toelichting kan een rol vervullen bij de uitleg van onduidelijke planvoorschriften. De toelichting is echter niet een onderdeel van een bestemmingsplan. Er kan niet als zodanig een beroep op worden gedaan. In het navolgende volgt een toelichting op de onderdelen van een bestemmingsplan: Ad 1 PlankaartDe plankaart geeft de bestemmingen aan van de percelen binnen een bepaald plangebied. Op de plankaart staan doorgaans ook de kadastrale aanduidingen. De plankaart geeft naast de bestemmingsvlakken ook de bebouwingsvlakken aan. Tevens wordt vaak op de plankaart vermeld de maximale bouwhoogten, het maximale bebouwingspercentage en het maximaal aantal bouwlagen. De legenda bij een plankaart vermeldt de betekenis van afkortingen en cijfercodes. In de planvoorschriften dient vervolgens verwezen te worden naar deze symbolen en aanduidingen. Ad 2 DoeleindenomschrijvingIn de planvoorschriften wordt iedere bestemming uitgewerkt in een doeleindenomschrijving. In de doeleindenomschrijving wordt per bestemming uitgewerkt voor welk doel of welke functie de gronden mogen worden gebruikt. Indien de bestemming bijvoorbeeld ‘Bedrijfsdoeleinden’ betreft kan in de doeleindenomschrijving worden bepaald dat de gronden met deze bestemming onder andere mogen worden gebruikt voor kantoorruimte. Een veel gebruikte bestemming is verder de bestemming ‘Centrumdoeleinden’. In de doeleindenomschrijving van deze bestemming worden vaak verschillende functies zoals wonen, detailhandel, horeca en kantoren samengebundeld. Ad 3 Bebouwingsvoorschriften, aanlegvoorschriften en gebruiksvoorschriftenIn deze bepalingen wordt het bebouwingspercentage aangegeven, bouwhoogte, bouwdiepte en het maximum aantal bouwlagen van bouwwerken. In de planvoorschriften kan ook worden opgenomen onder welke omstandigheden een aanlegvergunning moet worden aangevraagd. Het aanleggen of verharden van wegen, het graven van greppels of het egaliseren van gronden zijn bijvoorbeeld aanlegvergunningsplichtig. Gebruiksvoorschriften kunnen in bepaalde vormen worden opgenomen in de planvoorschriften. Gebruiksvoorschriften kunnen een specifiek gebruik binnen een bestemming (bijvoorbeeld: detailhandel) uitsluiten (bijvoorbeeld gebruik ten behoeve van supermarkten). Daarnaast kent een bestemmingsplan vaak ook een algemeen gebruiksverbod waarin met zoveel woorden is bepaald dat de gronden en opstallen niet gebruikt mogen worden in strijd met de in dit plan aangewezen bestemmingen. Ad 4. Algemene voorschriften, uitwerkingsbepalingen, wijzigingsbevoegdheden, vrijstellingsmogelijkheden Algemene voorschriftenHet bestemmingsplan begint vaak met een opsomming van de meest voorkomende begrippen in het bestemmingsplan (de begripsbepalingen). De begripsbepalingen bieden vaak een handig hupmiddel om te achterhalen welke functies wel en welke functies niet onder een bestemming vallen. Daarnaast kent een bestemmingsplan een paragraaf waarin de wijze van meten wordt uitgewerkt. Voor de berekening van oppervlakten of bijvoorbeeld maximale bouwhoogten is het verstanding deze paragraaf te raadplegen. Uitwerkingsbepalingen De WRO biedt de planwetgever de mogelijkheid om in een bestemmingsplan uitwerkingsbevoegdheden op te nemen. Indien met betrekking tot een bestemming een uitwerkingsplicht is opgenomen zal deze uitwerkingsplicht vrijwel steeds vergezeld zijn van een voorlopig bouwverbod. Indien een voorlopig bouwverbod ontbreekt, bestaat er voor de beoordeling van de bouwaanvragen geen toetsingskader met als gevolg dat voor deze percelen geen planologische beperkingen gelden. WijzigingsbevoegdhedenDe planwetgever heeft verder de mogelijkheid om in een bestemmingsplan een wijzigingsbevoegdheid op te nemen. De WRO bepaalt echter wel dat de wijzigingsbevoegdheid moet zijn begrensd door middel van randvoorwaarden, zodat de gemeente met deze bevoegdheid niet een structurele wijziging in een bestemmingsplan kan doorvoeren. Indien de gemeente een bestemmingsplan structureel wil aanpassen, moet zij een nieuw bestemmingsplan vervaardigen. VrijstellingsmogelijkhedenDe planwetgever heeft de mogelijkheid om in een bestemmingsplan een aantal (over het algemeen niet-ingrijpende) vrijstellingsmogelijkheden op te nemen (= binnenplanse vrijstellingsmogelijkheden). Vaak kent een bestemmingsplan een binnenplanse vrijstellingsmogelijkheid voor bouwhoogten, bebouwingspercentages en afwijkingen van de rooilijnen. In het algemeen geldt dat bij meer ingrijpende afwijkingen van het bestemmingsplan (bijvoorbeeld: wijziging van een agrarische functie naar een woonfunctie), al snel een ‘buitenplanse’ vrijstelling op grond van artikel 19 WRO moet worden aangevraagd. Toverformule Een standaardbepaling in een bestemmingsplan betreft de zogenaamde ‘toverformule’. De toverformule biedt de gemeente de mogelijkheid om op grond van dringende redenen een vrijstelling te verlenen voor wat betreft het gebruik. Er kan eigenlijk alleen een beroep worden gedaan op de toverformule als het gebruik dat op grond van het bestemmingsplan is toegelaten niet meer kan worden uitgeoefend (een zogenaamde ‘achterhaalde bestemming’). Ad 5. Overgangsrechtelijke bepalingenElk bestemmingsplan kent overgangsrechtelijke bepalingen. Dit onderdeel wordt apart besproken in het hoofdstuk ‘Overgangsrechtelijke bepalingen’. ‘Postzegel’bestemmingsplanDe WRO biedt de gemeente de mogelijkheid om met betrekking een klein gebied een bestemmingsplanprocedure te volgen. Door middel van deze procedure kan, ten behoeve van een bepaald project, de bestemming van één perceel worden gewijzigd. Inhoudelijk verschilt de procedure voor een postzegelbestemmingsplan niet met de procedure voor een ‘normaal’ bestemmingsplan. Het postzegelbestemmingsplan is een goed alternatief voor een vrijstelling op grond van artikel 19 WRO. Rol makelaarDe NVM Makelaar kan veelal prima informatie verschaffen over het bestemmingsplan en zijn (on)mogelijkheden.

Wij zijn niet aansprakelijk te stellen voor onjuiste of onvolledige informatie die in de nieuwsartikelen vermeld staan; er zijn aan deze gegevens geen rechten te ontlenen. Uiteraard zijn de nieuwsartikelen met de grootst mogelijke zorgvuldigheid opgesteld.