
Newsfeed ophalen
Volg Smedema
Op 9 maart heeft de kamer antwoord gegeven met een voorbeeld:
twee gehuwde personen (A en B) kopen samen een woning in 2001. A geeft de gehele betaalde hypotheekrente op aan de fiscus na vijftien jaar gaan ze scheiden B koopt een andere woningAlle adviseurs in Nederland waren van mening dat B nu weer dertig jaar renteaftrek kan genieten. Echter de kamer kwam met onderstaand antwoord.
Antwoord 3
Zoals hiervoor is aangegeven is het recht op renteaftrek binnen de eigenwoningregeling bepalend voor de 30-jaarstermijn. Hoe dit recht vervolgens via de toerekeningsregels geëffectueerd wordt, is daarbij niet relevant. Met betrekking tot een EWS (eigenwoningschuld; red) kan maximaal 30 jaar renteaftrek worden verkregen. In het gegeven voorbeeld gaat het om een gehuwd stel dat kennelijk gezamenlijk een eigen woning en EWS heeft. In die situatie geldt voor beide partners dat zij gedurende het huwelijk recht hadden op renteaftrek binnen de eigenwoningregeling. Voor beide partners is op 1 januari 2016 van de 30-jaarstermijn een periode van 15 jaar verstreken. Voor zowel de vrouw als de man resteert nog 15 jaar renteaftrek.
Nieuwe casus
Bovenstaand antwoord is duidelijk. Al vraag ik mij af of veel adviseurs dit daadwerkelijk goed toepassen. Om het nog iets ingewikkelder te maken, neem ik de volgende casus als uitgangspunt.
De vraag is nu wat van toepassing is voor de renteaftrekperiode en de daarbij geldende bedragen voor A en B. Is dit de datum van samenwonen, fiscaal partnerschap of trouwen? Ik weet zeker dat als ik deze vraag stel aan hypotheekadviseurs, Autoriteit Financiële markten (AFM), het ministerie van Financiën en de belastingdienst weinigen weten hoe het zit.
Logisch, want in de PE-cursussen voor adviseurs is dit onderwerp nog niet aan de orde geweest. De AFM heeft natuurlijk geen tijd, zij verspillen hun tijd liever aan onnodige onderzoeken. En de medewerkers van de belastingdienst hebben wel iets anders aan hun hoofd dan antwoord te geven over dit soort situaties.
Blijft wel over of de belastingdienst het verleden van iemand goed in kaart kan brengen. Ik ben van mening dat dit op het ogenblik niet kan en gebeurt, waardoor er in de toekomst veel discussies gaan ontstaan. Om duidelijkheid te krijgen, is antwoord 4 van de kamer van belang. Hierin staat het volgende.
Antwoord 4
In het gegeven voorbeeld is het ervan afhankelijk bij wie er in de periode tot 1 januari 2016 sprake was van een EWS. Als men in die periode samenwoonde en gezamenlijk een EWS had en daar door de wijziging per 1 januari 2016 geen verandering in komt, is het aangaan van het fiscaal partnerschap of het huwelijk niet relevant. Voor beide personen is op 1 januari 2016 van de 30-jaarstermijn een periode van 15 jaar verstreken. Als de wijziging per 2016 met zich meebrengt dat er bij een of beide partners een EWS ontstaat of niet langer aanwezig is, is dat wel bepalend voor de 30-jaarstermijn. Zoals aangegeven is de aanwezigheid van een EWS immers bepalend voor het lopen van de 30 jaarstermijn. Daarbij wordt nog opgemerkt dat indien de renteaftrek van bijvoorbeeld de man vervalt vanwege het verstrijken van de 30-jaarstermijn, de vrouw de niet-aftrekbare rente van de man niet via de toerekeningsregels alsnog in de aftreksfeer kan brengen.
EWS is leidend
Het antwoord is duidelijk, de EWS is leidend en dus niet samenwonen of fiscaal partnerschap. Dit is pas van belang als de periode van dertig jaar renteaftrek is verstreken voor A. Het antwoord op mijn casus is dan als volgt, waarbij ik er nogmaals op wijs dat A in de gehele periode de betaalde rente over 200.000 euro aan de fiscus heeft opgegeven:
Na het trouwen (in gemeenschap van goederen) wordt B dus 50% eigenaar van de woning. Het is dan niet meer van belang wie de renteaftrek geniet (A in mijn voorbeeld heeft namelijk 100% opgegeven), want beiden krijgen 50% toebedeeld. Deze 50% geldt alleen als B in de toekomst een andere woning koopt.
Om het nog leuker te maken, wijzig ik mijn casus:
A en B gaan niet trouwen op 1-1-2006; zij blijven samenwonen B heeft door het fiscaal partnerschap (datum 1-1-2005) wel de volledige betaalde renteaftrek opgegeven Ze besluiten per 1-1-2010 uit elkaar te gaan B koopt een andere woningVeel adviseurs zullenl nu uit de IB-aangifte van B concluderen dat hij al renteaftrek heeft genoten (vanaf 1-1-2005 tot 1-1-2010 voor 200.000 euro) dus dat er een beperking van vijf jaar is betreffende de renteaftrek naar de toekomst toe. Dit is dus niet van toepassing. De IB-aangifte is niet meer leidend voor een adviseur en dus ook niet voor de belastingdienst!
Deze column zal weer tot veel discussie leiden in de hypotheekbranche. Daarom sluit ik af met een gemakkelijke vraag. B wordt eigenaar van de woning als er getrouwd wordt. Er zijn nog twee mogelijkheden om (mede) eigenaar te worden namelijk…
En voor de AFM nogmaals een oproep om dit soort situaties eens goed in kaart te brengen en door te mailen naar alle adviseurs. Dit voorkomt boetes en vooral gedupeerde klanten die verkeerde adviezen krijgen. Bovendien toont de AFM hiermee aan daadwerkelijk iets te betekenen voor de hypotheekbranche.
Het nieuwe boek van Jos Koets is uit!
Jos Koets is Erkend Hypotheek Adviseur (SEH) en de specialist van IEX.nl. Hij heeft z’n eigen Assurantiekantoor Groenoord in Vlaardingen. Koets schrijft zijn columns op persoonlijke titel. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel (hypotheek)advies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde transacties. Hoewel deze column met de grootst mogelijke zorgvuldigheid is samengesteld, aanvaardt Jos Koets geen aansprakelijkheid voor de onvolledigheid, onjuistheid of gevolgen daarvan. Uw reactie is welkom op koets@iex.nl