Johan Smedema
Johan Smedema is de oprichter en vanzelfsprekend één van de beëdigde NVM-makelaars en beëdigde taxateurs die ons kantoor telt. Johan houdt de ontwikkelingen op Vastgoedgebied scherp in de gaten en bericht hierover op deze website.
Print
Ondergrond maakte geen onderdeel uit voor berekening baatbelasting
Categorie: Algemeen
Gepubliceerd: 1-09-2008
Verzorgd door
24-10-2005
Verzorgd
door:
Mr J. Smedema
Ondergrond maakte geen onderdeel uit voor berekening baatbelasting
Een
gemeente kan baatbelasting heffen als een in de gemeente gelegen
onroerende zaak is gebaat door voorzieningen die door of met
medewerking van de gemeente tot stand zijn gebracht. De gemeente kan
de op haar drukkende kosten voor de realisatie van de voorzieningen
verhalen via de baatbelasting. Hierbij geldt wel als voorwaarde dat
de ten laste van de gemeente gekomen kosten verband houden met de
realisatie van de voorzieningen. Kort gezegd: er moet sprake zijn
van kosten van verwerving. Hof Den Bosch heeft onlangs beslist dat
een gemeente in een verordening baatbelasting ten onrechte de kosten
van de ondergrond in aanmerking had genomen. De gemeente had de
ondergrond al lang in eigendom, zodat geen sprake was van op haar
drukkende kosten van verwerving. Het Hof verlaagde daarop een
opgelegde aanslag baatbelasting van f 51.441 (€ 23.343) naar f
30.400 (€ 13.795).
Volledig
bericht
Een gemeente kan baatbelasting heffen als een in de gemeente gelegen
onroerende zaak is gebaat door voorzieningen die door of met medewerking
van de gemeente tot stand zijn gebracht. De gemeente kan de op haar
drukkende kosten voor de realisatie van de voorzieningen verhalen via de
baatbelasting. Hierbij geldt wel als voorwaarde dat de ten laste van de
gemeente gekomen kosten verband houden met de realisatie van de
voorzieningen. Kort gezegd: er moet sprake zijn van kosten van
verwerving. Hof Den Bosch heeft onlangs beslist dat een gemeente in een
verordening baatbelasting ten onrechte de kosten van de ondergrond in
aanmerking had genomen. De gemeente had de ondergrond al lang in
eigendom, zodat geen sprake was van op haar drukkende kosten van
verwerving. Het Hof verlaagde daarop een opgelegde aanslag baatbelasting
van f 51.441 (€ 23.343) naar f 30.400 (€ 13.795).
Volledig bericht
Een gemeente kan baatbelasting heffen als een in de gemeente gelegen
onroerende zaak is gebaat door voorzieningen die door of met medewerking
van de gemeente tot stand zijn gebracht. De gemeente kan de op haar
drukkende kosten voor de realisatie van de voorzieningen verhalen via de
baatbelasting. Hierbij geldt wel als voorwaarde dat de ten laste van de
gemeente gekomen kosten verband houden met de realisatie van de
voorzieningen. Kort gezegd: er moet sprake zijn van kosten van
verwerving. Dit laatste was aan de orde in een procedure voor Hof Den
Bosch. De zaak was -vereenvoudigd weergegeven- als volgt.
De gemeente Valkenswaard
trof in verband met de realisatie van een bestemmingsplan een aantal
voorzieningen aan een straat. De gemeente stelde daartoe in 1999 een
verordening baatbelasting op. Deze verordening bevatte onder meer een
beschrijving van de te treffen voorzieningen. De gemeente rekende ook de
waarde van de ondergrond tot de op haar drukkende kosten voor de
realisatie van de voorzieningen. Een eigenaar-bewoner van een woonhuis
aan de betreffende straat ontving een aanslag baatbelasting 1999 van f
51.441 (€ 23.343). Hij had diverse bezwaren tegen de aanslag, waaronder
de kosten die de gemeente in aanmerking had genomen voor de
baatbelasting. Hij meende dat de waarde van de ondergrond buiten de
kostengrondslag moest blijven. De zaak kwam voor Hof Den Bosch.
Het Hof stelde voorop dat
de wettelijke bepaling over de baatbelasting aangaf, dat tot aan de
voorzieningen verbonden lasten behoren díe kosten die ten laste van de
gemeente zijn gekomen in verband met de realisatie van de voorzieningen.
Het Hof meende dat in het onderhavige geval de waarde van de ondergrond
waarop een deel van de voorzieningen was aangebracht, niet tot de ten
laste van de gemeente gekomen kosten behoorden. De gemeente had de
ondergrond namelijk al lang geleden verworven, zodat geen sprake was van
op de gemeente drukkende verwervingskosten in verband met het treffen
van de voorzieningen.
Het Hof liet de waarde
van de ondergrond buiten de kostengrondslag voor de baatbelasting. Dit
leidde voor de huiseigenaar tot een aanzienlijke verlaging van de
aanslag baatbelasting namelijk van f 51.441 (€ 23.343) naar f 30.400 (€
13.795).
Bron: Hof Den Bosch,
29-9-2005, nr. 00/02702 (gepubliceerd 14-10-2005)
Europaplein 6, 6591 AV Gennep, Telefoon 0485
51 24 95, Fax 0485 51 75 32
info@smedema.nl
www.smedema.nl
Wij zijn niet aansprakelijk te stellen voor onjuiste of onvolledige informatie die in de nieuwsartikelen vermeld staan; er zijn aan deze gegevens geen rechten te ontlenen. Uiteraard zijn de nieuwsartikelen met de grootst mogelijke zorgvuldigheid opgesteld.