
Newsfeed ophalen
Volg Smedema
Dat is het gevolg van een oordeel van de Hoge Raad. Enkele jaren geleden is PricewaterhouseCoopers (PwC) proefprocedures gestart tegen de aanslagen gebruikersbelasting OZB die opgelegd worden aan objecten in aanbouw die niet als woningen kwalificeren en die bestemd zijn om na gereedkomen te worden verhuurd dan wel verkocht.
Op 8 augustus 2008 heeft de Hoge Raad (nr. 41654, LJN BC5812) uitspraak gedaan in alle zeven proefprocedures. De raad is van mening dat de grond (en wat daarmee duurzaam is verenigd) wordt gebruikt ‘ter bevrediging van eigen behoefte’ als je op de betreffende grond een opstal (ver)bouwt of laat (ver)bouwen. Deze ‘bevrediging van eigen behoefte’ geldt ook voor beleggers/ontwikkelaars die (ver)bouwen of laten (ver)bouwen met het oogmerk de zaak na gereedkomen van de bouw zelf te gaan gebruiken, dan wel te verhuren (of op andere titel aan een ander in gebruik te geven), dan wel te verkopen.
In een artikel belicht Liesbeth Gramsbergen van PwC de consequenties van deze uitspraak. Vogens haar is het voor ontwikkelaars/beleggers in elk geval 'raadzaam om voor objecten in aanbouw het gesprek aan te gaan met de gemeente om te zorgen dat de belasting OZB wordt gemitigeerd door goed te beoordelen wat de stand van het onderhanden werk is (percentage gereed), en wat de vervangingswaarde moet zijn beoordeeld vanuit de Wet WOZ. Uiteraard is het goed om in dat gesprek ook de andere van belangzijnde heffingen mee te nemen zoals bouwleges, precariobelasting, eventuele onttrekking van grondwater (denk aan grondwaterbelasting')'.
Klik hier voor het volledige artikel.
Bron: PricewaterhouseCoopers